Ik zit in de bak deze zomer

Ik zit in de bak deze zomer

July 25, 2017

In de tijd dat het water me echt aan de lippen stond kreeg ik de kans om de musical Phantom of the Opera te spelen in Scheveningen. 

Eigenlijk te gek voor woorden want daarmee had ik drie banen maar ja, het was nodig. Ik was net gescheiden, droeg een zware hypotheek, had twee kinderen die van alles moesten, een au pair om al het werken mogelijk te maken met dat er oppas was en verhuurde een kamer in mijn huis. Het ging allemaal net!

De meisjes gingen die zomer naar hun vader en ik hoefde niet op vakantie. Ik kon gelukkig werken en mijn rekening wat aanspekken. 

Nu is het doen van je werk op een podium voor een zaal met mensen al een raar fenomeen maar het zitten in een orkestbak overstijgt dit nog eens.

Op het moment dat een orkest in de bak moet zitten is er iets anders te doen op het podium en heeft het orkest een begeleidende rol. Opera, Ballet, Operette en Musical zijn van die kunstvormen waarbij dat zo is. 

Het heeft zeker zijn gemak hoor dat je als musicus in een orkestbak zit. Je bent uit de kijker en kunt je veroorloven om wat ondertuit te zakken mocht je daar behoefte aan hebben of zelfs een boek te lezen tijdens je werk. Als je maar geen lawaai maakt tijdens de tekstgedeeltes op het podium, als die er zijn.

Je hoeft ook niet persé als orkest met zijn allen je plek in te nemen. Als jij het lekker vindt om ruim van te voren al op je plaats te zitten zal niemand zich daar aan storen.

Het meeste publiek gaat bij binnenkomst in zo’n zaal direct naar zijn plek. Er zijn er echter ook die even naar de rand van de orkestbak lopen. Ze kijken dan omlaag  die bak in en kijken je aan alsof ze je niet zien. Alsof ze zich niet realiseren dat je leeft en je ziet dat je wordt aangekeken. Daar hebben we dan ook wel eens grapjes over gemaakt en zeggen dingen als: “we mogen niet worden gevoerd hoor!” Een enkeling kan daar om lachen maar de meeste mensen draaien zich gegeneerd om en lopen weg.

Er zit echt een onzichtbare wand tussen podium (orkestbak) en publiek.

Before the beginning of the play. Orchestra pit without musicians and instruments

Door de jaren heen zijn veel theaters verbouwd of zelfs afgebroken en opnieuw gebouwd. 

Voor de Hoofdstad Operette, een reizend muziekgezelschap, was het zaak om zoveel mogelijk voorstellingen te verkopen. Daarbij werd ook wel eens een mouw gepast aan het theater wat eigenlijk niet geschikt was om het hele gezelschap te herbergen. 

Soms was er totaal geen orkestbak en zat het orkest voor het podium. Of de orkestbak was zo klein dat niet heel het orkest (25 personen) erin paste. Het theater in Gouda was daar een voorbeeld van. Het huidige theater is hier voor in de plaats gekomen maar in het vorige, oude meuk theater was de bak te klein. De oplossing werd gevonden in het opstellen van het slagwerk in de gang, de deur naar de bak open laten en de harp thuis laten. De meest rare orkestopstelling kreeg je hier van want zo zat je als tweede viool ineens naast een trombone, iets wat totaal ongebruikelijk is. Dat dit hilarische toestanden oplevert mag duidelijk zijn.

Ook kwam het voor dat er geen orkestbak was en ook het podium eigenlijk te klein was en het orkest in een heel rare opstelling hiervoor kwam te zitten. Het theater in de plaats Goes was daar een voorbeeld van. Daar zijn we dan ook niet meer geweest.

Het allerergste heb ik echter in de bak van de Stadschouwburg in Amsterdam meegemaakt.

Die bak ligt behoorlijk diep en de zaal loopt aardig schuin omhoog. 

Na de pauze hoorden we, gemeten aan de hoorbaarheid van het geluid, op de derde rij, iemand over zijn nek gaan. Triest natuurlijk en heel vervelend voor de persoon in kwestie om mee te maken. Zo misselijk worden, midden in een rij zitten en niet weg te kunnen, dat maak je liever niet mee.

Als het zo dichtbij gebeurt ga je ongemerkt toch een beetje voorzichtig ademhalen. “Als ik het maar niet ruik”, dacht ik.

Helaas, het werd nog erger.

Precies naast de concertmeester zagen we het langs de muur van de bak naar beneden glijden.  Jakkes! En natuurlijk gingen we dat allemaal ruiken maar we konden niets doen. We konden niet stoppen met spelen en ik zag iedereen een vies gezicht trekken. 

De concertmeester stond in een tekstgedeelte op en ging zijn fles eau de toilette halen om erop te spuiten. De geur veranderde hierdoor wel maar het werd er niet beter op. We moesten maar zien hoe we hier doorheen konden komen.

Na afloop heeft de persoon in kwestie zich verontschuldigd naar het orkest maar ja, ze kon niet anders. 

Het werd natuurlijk schoongemaakt maar de volgende dag was het nog steeds te ruiken. 

Gelukkig stonden we de dag erna in een ander theater. Weer een voordeel van een reizend muziekgezelschap zijn.