I am happy that you smile

I am happy that you smile

April 5, 2018

De kleine, wat corpulente, jonge Thai had het vuur uit zijn sloffen gelopen. Het zweet stond op zijn voorhoofd maar zijn klus zat er bijna op. 

Het was een klein, propellervliegtuig van Bangkok Air wat ons van Siem Reap (Cambodja) naar Bangkok zou vliegen. Zo’n 70 personen aan boord en een korte vlucht van 40 minuten. 

Ik ben niet zo gevoelig voor bijgeloof maar als ik dat wel was geweest had ik het zeker toegeschreven aan wat er aan de voorkant op het toestel stond. 


Toen de landing zich aandiende regende het zwaar ter plekke. Een raar kleurtje lucht was er nog zichtbaar. We daalden en de regen werd alleen maar sterker en we stegen weer.  Na een flink rondje kwam poging twee eraan. Deze zou vast gaan lukken was mijn gevoel want we moesten toch een keer naar de grond. 
We daalden, het werd donkerder, ging harder regenen en daalden door.  We zaten kort voor het punt dat het toestel aan de grond gezet zou worden en we stegen weer. Nee! Waarom nou? Wat voor een kneus zit er achter die knuppel?

Er werd omgeroepen dat we zouden uitwijken naar een andere luchthaven. Prima natuurlijk maar dat zou vertraging opleveren wat op zich nog steeds niet erg was maar het bracht onze bestelde maaltijd op de markt voor die avond ernstig in gevaar. 

Een kwartier later landden we in de buurt van Pattaya, gingen het vliegtuig uit en stapten in de bus. Er moest getankt worden waarna het idee was dat we weer moesten instappen en opnieuw naar Bangkok zouden vliegen. We stonden 100 meter bij het toestel vandaan te wachten in die bus en te kijken naar het weinige wat er gebeurde. 

Uiteindelijk bracht de bus ons toch naar de ontvangsthal. Totaal leeg daar. We werden naar een zaal gebracht, kregen te drinken en konden onszelf bedienen van zoutjes. 

Theo had al uitgevogeld dat er een vlucht aan het eind van de middag van daar naar Samui zou vliegen. Op die vlucht wilden we wel terecht komen en dat lukte. 

Nu nog ons koffertje. We hadden alleen handbagage bij ons en bij de incheck werd ons bijna gesmeekt om hem toch maar in te checken want het was een klein toestel. Braaf en coöperatief als we zijn werkten we hier aan mee. Stom achteraf. 

De koffer werd van boord gehaald en als enige op de band gezet. Hier begon de humor weer. De band begon te lopen en onze kleine, corpulente Thai keek door de slierten boven de band naar buiten naar wie er iets tegen hem riep. 

Van buitenaf stak er ineens een hoofdje naar binnen, boven een ander deel van de band op zoek naar onze Thai. Twee hoofden die elkaar nog steeds niet zagen. 


Het koffertje ging door de x-ray en we mochten deze hal verlaten. Een looptocht door het enorme gebouw bracht ons naar de boarding voor het nieuwe toestel. Weer moest het koffertje door de x-ray. 3 personen voor en 3 personen na het apparaat. Je krijgt er ervaring in en begint er rekening mee te houden wat je aantrekt zodat je niet teveel hoeft uit te trekken maar het was weer bijna tot op de draad. Dat je je kunstgebit nog niet in het bakje moet leggen is een pure gunst. 

De koffer moest open! Tegenover me stond een zeer ijverige jonge dame die niet van plan was om dit klusje lichtzinnig op te vatten. Ze opende nog meer ritsen en aha, wat was dat?
Ze pakte het ding tussen twee vingers, hield een schoon, wit en door cellofaan omhuld voorwerp voor mijn ogen. 
Het leek of er een onvervalste Stasi agent voor me stond. Ze kneep haar ogen wat verder dicht, begon enorm vies en achterdochtig naar me te kijken en vroeg: “What’s this?
Eigenlijk was ik met stomheid geslagen waardoor het iets langer duurde voordat ik antwoord gaf. Haar oudere, mannelijke collega had ondertussen de spullen in mijn koffer uitgebreid kunnen bepotelen maar begon zich wat ongemakkelijk te voelen door de vraag van zijn collega. 

Ze kon de kolere krijgen en in het Nederlands zei ik: “dat is nou een tampon!”

Ze begon het door te krijgen en mijn onderzoek was klaar. Ik kon doorlopen. 

De maaltijd op de markt konden we gelukkig verplaatsen naar de volgende dag.