Grappig

Grappig

March 19, 2018

Vandaag iets grappigs meegemaakt. 
Op de weg naar de boot, nog op het eiland zijnde, zag ik de typisch Thaise aardewerk poppetjes. Ze doen wat kinderlijk aan maar zijn toch heel grappig. Ik heb eraan moeten wennen maar vind ze steeds meer de aard van de Thai duidelijk maken. Mai pen rai, oftewel, het geeft niet en morgen weer een dag. Het is al warm genoeg dus laten we er maar om lachen. 
Dat is onderdeel van mijn prettige gevoel over Thailand en waarom ik er graag naar toe ga. 


Met de boot kom je aan in het havenplaatsje Donsak en tegelijk valt het verschil tussen het eiland en het vaste land op. Er is meer ruimte en behalve die ferry, geen reet te doen!

Ruimte, brede, niet drukke wegen en borden waar een plaatsnaam gelukkig ook in het Engels op staat onder de Thaise kriebels. 

We hadden een 100 km te rijden op dit soort wegen en zagen een fikse bui op ons af komen. We waren voorbereid en trokken de plastic poncho (80 ct) over ons hoofd. Na zo’n 10 minuten opnieuw stoppen om het ding snel weer uit trekken. 


De stad waar we naar toe zijn gereden is een kleine stad waar we slechts 1 overnachting doen. Surattani. 
Een fatsoenlijk hotel waar alle basis behoeftes (bed, airco, wifi) aanwezig zijn gaat ons door de nacht heen helpen. 

Waar gaan we eten, want die basisbehoefte schreeuwde om invulling. 
We vonden een winkelcentrum niet al te ver van het hotel met een leuke avondmarkt ervoor. 
Na de motorkilometers was het lekker om weer wat te lopen dus we liepen op ons dooie akkertje het heerlijk gekoelde winkelcentrum in. 
Geen aganebbisj gedoe hier maar weer eens één en al luxe! 
Eén etage kleding en make-up, een etage (geld)banken en apparatuur, volgende etage eten en nog eens eten en de laatste etage vermaak in de zin van bioscoop en kinderparadijs. 

“Joh, we zijn de enige blankies hier!”
“Je bent me net voor want ik wilde het ook net zeggen”, zei Theo. 

Het is wat het is en we liepen een typisch Thais winkelcentrum- foodcourt binnen. Dat betekent dat je een kaart koopt en daar een bedrag aan geld op zet. Hiermee kun je langs de eetstallen lopen en bestellen wat je wilt. Heb je geld over dan krijg je dat na afloop gewoon weer terug. Lekker makkelijk. 

Gelukkig staan er foto’s bij het eten en Engelse tekst. Dat is echter een zeer beperkte oplossing naar hetgeen je op je bord wilt krijgen. Het andere grote verschil van het vaste land met het toeristische eiland is de afwezigheid van de Engelse taal. Ook een hotel is daar geen uitzondering op. 
Gelukkig neemt mijn basiskennis aan woorden in het Thais toe en heb ik heel snel geleerd dat als je Hong Nam zegt, dat je naar een wc wordt gedirigeerd om jezelf niet volledig ‘te kakken’ te zetten. Heel belangrijk met die curry’s in je Nederlandse darmen die daar met een gillende gekte op kunnen reageren. 

We hadden beide een gevuld bordje voor ons staan en waren tevreden en bezig met onszelf. 

Achter ons was een Thais gezinnetje aan een tafel gaan zitten. Meisjelief had een Jurassic-dino gekregen en maakte er wat gruwelijke geluiden bij. Het geluid trok mijn aandacht doordat kleinzoon deze geluiden ook maakt bij hetzelfde beest. 
Ik moest erom lachen en keek hierbij naar haar. 

Op dat moment realiseerde het complete gezin dat we Farang waren en kindlief werd op vriendelijke wijze duidelijk gemaakt dat ze een zeer beleefde, bij het voorhoofd afspelende waai moest maken, deThaise, beleefde manier van groeten! Hoe meer eerbied je wilt geven, hoe hoger (bij voorhoofd) je de handen zet. Als je ze ergens onder je buik nog probeert te zetten kun je het net zo goed laten!
Wij beantwoordden hem natuurlijk met veel geglimlach erbij. Daarna mocht ze me nog een handje geven. Ah, gossie. Wat fijn toch dat er een glimlach bestaat.