Een orkest, dat is net een dorp

Een orkest, dat is net een dorp

September 10, 2017

Het waren niet mijn woorden maar die van een oud-collega wiens anonimiteit ik hier zal bewaren door ook zijn instrument niet te noemen. Laat ik het zo zeggen, hij kon het weten!

Ik dacht even over zijn woorden na en moest concluderen dat hij wel gelijk had maar ik had het zo nog nooit bekeken.

Een dorp en dan helaas in het negatieve. Een dorp waar iedereen alles, nou ja zo goed als alles, van elkaar weet en iedereen elkaar in de gaten houdt. Het dorp bracht ook gezelligheid maar dat bedoelde hij niet en daar kon ik ook over meepraten. We begrepen elkaar.

Het dorp uit Asterix en Obelix

Ik heb dat beeld nog eens door mijn hoofd laten gaan en kwam tot de conclusie dat er in de ‘dorpshoedanigheid’ twee beste plekken zijn in een orkest, in klassieke opstelling dan.

Laatste lessenaar 1e violen, buitenkant en laatste lessenaar contrabassen, ook buitenkant.

Voor de niet-intimi, met de buitenkant wordt de publiekskant bedoeld van de lessenaar. Een lessenaar waar de meeste strijkers met z’n tweeën achter zitten. Er zit daar ook een hele etiquette aan vast maar daar verder een andere keer over.

Eigenlijk heeft de dirigent de beste plek om alles te zien en horen maar ja, die staat er meestal maar 1 week achter elkaar voor, of 1 productie en is binnen die productie meer met de muziek bezig dan met de onderlinge verbindingen van de musici, alhoewel ik daar ook uitzonderingen op ken.

Nu u weet van hoe en wat moet u zich het volgende eens voorstellen. Je zit daar op die heerlijke, allerbeste plek met rugdekking en alles gebeurt voor en naast je. Je hoeft je hoofd maar hooguit 45º te draaien en je kunt alles zien. Een topplek toch?

Wat valt daar dan te zien vraagt u zich misschien af? 

Laten we een orkest eens naast een kantoortuin leggen. Ik heb me laten uitleggen wat een kantoortuin is want ik dacht iets te rechtstreeks aan een heuse tuin. Dat is het niet. Het is gewoon een open ruimte met, als je geluk hebt, wat schotten ertussen waar mensen hun kantoorwerk verrichten achter een computer met misschien wel een telefoon ernaast. Ik ken het alleen uit films maar kan me daar best van alles bij voorstellen.

Je doet je werk, de telefoon gaat eens en je voert een gesprek. Dan heb je toch wel ineens trek in een kop koffie en om je benen te strekken. Onderweg kom je een leuke collega tegen of je route loopt langs een andere net nog wat leukere collega waar je dan ook net wat langer mee staat te praten. Je gaat weer door met je werk en  moet in eens naar de wc en kunt weer zo’n sociaal loopje maken. Verder verlopen je werkzaamheden op jouw tempo en met je ogen op een beeldscherm gericht. Het is natuurlijk glad ijs waarop ik me begeef maar met scherpe schaatsen kom je een eind.

In een orkest heb je sowieso je instrument waar geluid uitkomt en wat per definitie slecht samengaat met praten en dat is maar goed ook want anders zou de herrie niet te harden zijn. Je ogen zijn gericht op de noten voor je en de bewegingen die de dirigent maakt. Je oren geven je sturing in of het ook nog een beetje klopt in wat je aan het doen bent. Je kunt niet sneller dan je collega en langzamer wordt ook niet op prijs gesteld. Het moet allemaal precies gelijk en daar heeft de dirigent dan nog zijn eigen muzikale mening over waardoor hij regelmatig het orkest laat stoppen met spelen en stukjes over laat doen of met een gedeelte, een zogenaamde instrument-groep. En juist dat moment nodigt uit om eens rond te kijken. 

Je ziet een collega die zijn halfjaarlijkse knipbeurt heeft gekregen wat juist zo opvalt omdat er elke keer een half jaar aan lengte van haren tussen zit. En hee, die andere collega, die heeft een nieuwe broek maar ook heb je eens oogcontact op links of krijg je een glimlach van rechts maar dat zie je ook tussen anderen wat weer uitnodigt om eens op te letten wat daar eigenlijk aan de hand is.

En wat dat was, dat wat ik heb gezien, daarvoor moet je in een orkest zitten en een orkest, dat is net een dorp.